“Ave Bionda! Hij die gaat sterven, groet u,” zeg ik met ongepaste galgenhumor tegen Blond als ik op het punt sta om te gaan spinnen. Het is mijn versie van de groet die een groep veroordeelde criminelen brengt aan de Romeinse keizer Claudius in het jaar 50 na Christus.* Ken uw klassiekers!
Blond kan er niet om lachen. Twee keer per week zwaait ze me hoofdschuddend uit als ik ’s morgens aan mijn cardiotraining begin in de sportschool. Dit kan zomaar de laatste keer zijn, zie ik haar denken. Ik moet eerlijk toegeven dat ik me na een zogenoemde endurance-training nog nooit zo dicht bij de dood heb gevoeld als toen. Spinnen wordt nooit Blonds’ hobby.
Bij spinning doe je een intense indoor fietstraining op een speciale vaste fiets (de spinfiets), meestal in een groep op muziek onder begeleiding van een instructeur. Je wisselt zittend en staand fietsen af en past zelf de zware weerstand aan om bergen of sprints na te bootsen.
Bij mijn stadsgenoot, bioloog Midas Dekkers, lopen de rillingen over z’n rug. In zijn heerlijke boek ‘Lichamelijke oefening’ steekt hij de draak met mannetjes zoals ik:
‘Dieren doen niet aan sport en zijn toch zo fris als een hoentje. Misschien moeten we eens wat meer laten en minder doen.”
Mijn sympathieke trainer en Iron Man, Jim Hagenstein (65) beweert precies het tegenovergestelde: “Bewegen is zó belangrijk, Jaap! Het nut van cardiotraining is om je uithoudingsvermogen te trainen. Dat je dus een bepaalde inspanning langer kunt volhouden. Dat is heel goed voor je!”
Blond gelooft er niks van en is ervan overtuigd dat ik mijn hartje, dat alleen voor haar klopt, aan het opblazen ben. Het is misschien bijzaak, maar als mijn profetie in zin één uitkomt dan is er nóg een probleem. Ze is als de dood dat ze alle verzekeringspolissen niet kan vinden. Blond is namelijk geen administratief wonder. En dat is mild uitgedrukt. Haar kledingkasten zijn onberispelijk opgeruimd, maar het opbergen van een paar polissen is een uitdaging.
De laden waarin ze haar correspondentie bewaart noem ik vol verbazing het ‘Marchief’. (Haar bijnaam is Marian.) Het lijkt alsof daar een brisantbom in is gegooid. In die laadjes liggen nog verzekeringspolissen van vóór de Eerste Wereldoorlog. Blond heeft een soort verzamelwoede en is bang om iets weg te gooien. Soms trekken we een week uit om orde te scheppen in de administratieve chaos. Met al die vuilniszakken vol oud papier zou ik bijna een blindengeleidehond kunnen financieren. Maar goed, ik dwaal af. Daar gaat dit stukje in de kern niet over.
Dit epos gaat over de zichzelf overschattende malloot die denkt dat hij 25 jaar oud is en per se vijf keer per week moet sporten. Ik dus. Want afgezien van al dat gespin, fiets ik ook nog eens lange afstanden op de weg en ‘sloep-roei’ ik wekelijks op de Vecht met acht andere alcoholisten.
We trainen nu bijvoorbeeld voor de 21 kilometer lange Grachtenrace in Mokum op 10 oktober anno 2026. Onder de maniakale leiding van centurio Ronaldo il Rosso roeien we urenlang als galeislaven over de rivier. Ik voel me een kruising tussen Dorus Rijkers, Ben-Hur en Malle Pietje.
“Wat is dat voor een merkwaardig masochisme van mensen om uit te willen blinken in dat wat je nu net niet kunt?” Midas Dekkers.
De vraag is natuurlijk: Waarom doe ik dat? Waar ben ik mee bezig? Wat wil ik bewijzen? Wil ik zo’n slank, afgetraind lichaam, inclusief wasbordje? (Ja!) Wil ik Magere Hein een loer draaien? (Jazeker!) Doe ik het voor de lol? (Driewerf ja!) Maar is het ook allemaal haalbaar?
Zo’n renaissancelijf, zoals Michelangelo’s beeld De David heeft, moet ik direct uit mijn hoofd zetten. Dat is echt een utopie. Ik strompel nog altijd als een mollig buideldier door het leven. Pierlala heb ik inmiddels wél decennialang in de maling genomen tijdens mijn werk als crisisverslaggever voor het RTL-nieuws. Ik heb toen heel wat engeltjes verspeeld. Ik ga daar fris en fruitig graag nog heel lang mee door.
En ja, geloof het of niet, ik heb écht lol in dat sporten. Net als al die andere leden van de Boomer Brigade die zich ook als blije eieren in het zweet werken. Want 70 is het nieuwe 50!
“We zijn van de homo ludens (de spelende mens) verworden tot de homo Adidas.” Midas Dekkers.
Alle citaten van Midas zijn op mijn lijf geschreven. Toch ga ik lekker door met roeien, spinnen en sporten. Niets is mooier om na mijn cardiotraining de trap op te lopen en tegen Blond te kakelen: “Appeltje-eitje, hoor! Veni, vidi, vici!*
Gortdroog antwoordt ze: “Goed zo, Kont! Ik heb boter en melk nodig, rijd maar snel naar de Appie op je fietsie!”
JAAP VAN DEURZEN
*Morituri te salutant! Zij die gaan sterven groeten u!
**Veni, vidi, vici. Ik kwam, ik zag, ik won.’
Wilt u een gesigneerd exemplaar van mijn nieuwe bundel? Ook geschikt als verjaardagscadeau of relatiegeschenk? jaapvandeurzen@kpnmail.nl
