Jaap van Deurzen

SPREKER /  MEDIATRAINER /  DAGVOORZITTER.

Katten & Kwaad

mei 1, 2022

Klinkhamer keek op van z’n krant en zei: ‘Daar hebben we de langslapers. Jullie zullen zeker wel honger hebben. Geef ze maar een stevige boterham, moeder.’ ‘Dat zal ik nu eens niet,’ antwoordde moeder stroef, ‘die apen hebben al gegeten!’ ‘Wat?’ Klinkhamer sprong verbaasd overeind. ‘Hebben jullie al ontbeten?’ vroeg hij, z’n zoons streng aankijkend. Deze knikten met gebogen hoofden. ‘Wel gortegruttenmeel, dan hebben jullie dus niet aan één stuk geslapen!’

Man, man, man, waar blijft de tijd dat ik dit soort gezandstraalde verhaaltjes uit De Kameleon voorlas aan mijn jongens. De jeugdboekenserie gaat over de ondeugende Hielke en Sietse Klinkhamer. De terreur-tweeling is tot alles in staat. Zo hangen ze op een zondag balorig het wasgoed van de ‘gelovige’ buurvrouw Bleker aan de lijn. Wat een stelletje Farizeeërs. Waar vind je ze nog? Antwoord: In het plaatsje Zuiderwoude, in de prachtige polder boven Amsterdam. Het dorpje ligt op mijn wielrenroute en ik houd er altijd een pauze aan de veenplas. Opeens zie ik de drie lokale belhamels de hoek om fietsen. Ze zijn twaalf, dertien en veertien jaar oud en hebben zowaar een ingedroogde snottebel onder hun neus hangen. Ze dragen korte broeken en rubberen laarzen. 

‘Jongens, waarom hebben jullie kaplaarzen aan?’ vraag ik vriendelijk, want ik kan na dertig jaar nog steeds niet stoppen met interviewen. ‘Omdat we boeren zijn,” zeggen ze bloedserieus. Wat een heerlijke schuldbekentenis. De goedlachse boefjes hebben een boterham met pindakaas in een plastic zakje tot prut geplet en doen er water bij. De bijdehandste van het stel kneedt het geheel tot een dikke bruine brij. Hij heeft een vochtige mond waar een stuk kauwgum ter grootte van een tennisbal in rondtolt en zegt: ‘Nu lijkt het net op een zak diarree. Die gooi ik straks tegen de achterruit van een auto aan!’ Een BMW met Duits kenteken draait bij het kerkje de hoek om en rijdt de weg op naar Broek in Waterland. Sjaak, want zo heet hij, slingert het zakje nep-poep tegen de achterkant van de Duitse bolide en holt hard weg. Zijn maten plassen bijna in hun laarzen van het lachen. De Duitser rijdt gewoon verder.

‘Schweinhund!‘ brult Sjaak, ietwat teleurgesteld. Opeens zegt hij uit het niets: ‘Ik ben zo geil, ik ben niet droog te föhnen!’

Ik sla steil achterover. De opmerking staat in zo’n schril contrast met de 19e-eeuwse boerenidylle, à la Dik Trom, waar ik net getuige van ben geweest. Beam me up Scotty! Ik sta gelijk weer in het internettijdperk van 2022, waar we een muisklik verwijderd zijn van porno-pret. Zijn twee maten krijgen de slappe lach en scanderen onafgebroken: ‘Ik-ben-zo-geil-ik-ben-niet-droog-te-föhnen.’ Of ze precies weten waar het over gaat en of de uitdrukking wel zo mannelijk is, durf ik niet te vragen. Er zijn grenzen.

Ik denk wel gelijk aan de documentaire: ‘De echte jongens film’ van Katinka de Maar, die gaat over binkies die druk doen, rotzooi trappen, lef tonen en grenzen verleggen. Vroeger was dat gedrag heel normaal, want het schijnt bij jongens te horen.  Zelf treiterden wij wijkagent Taale het bloed onder zijn nagels vandaan in onze achterbuurt in Rotterdam-Zuid. Om de haverklap zaten we op onze vrije zaterdagmiddag op het politiebureau waar we werden gedwongen om een opstel te schrijven over ons geklier. Het behoort tot mijn beste werk. 

Volgens Katinka de Maar wordt in het gefeminiseerde onderwijs veel te veel aandacht besteed aan sociale vaardigheden en taal. Er wordt eindeloos gebabbeld in kringgesprekken, waarbij jongens zich het apelazerus zitten te vervelen. Die dóen liever. Even op je borst roffelen als een silverback is er niet meer bij. Als de alfa-mannetjes het toch doen krijgen ze al snel het stempel ADHD op hun voorhoofd gedrukt. Ze worden gedumpt bij het ‘speciaal onderwijs’ en slikken Ritalin. Mannengedrag zou in onze maatschappij aan het verdwijnen zijn. Katinka de Maar: ‘Nederland is een kenniseconomie geworden, waar de man zijn habitat is verloren.’ Beste ouders: Pak als een malle uw koffers en verhuis naar Zuiderwoude voor het te laat is! Jongens mogen daar nog gewoon drek smijtende bengels zijn.

‘Meneer zal ik uw fiets in het water gooien of zullen wij een homostel worden?’ vraagt de oudste boef me en klapt weer dubbel van het lachen. 

Gortegruttenmeel!  

JAAP VAN DEURZEN