Blond is weer in staat om een ui te snijden! Hoezee! Bij de Van Deurzentjes gaat de vlag uit. Pardon? De wereld staat in brand en ik begin over het snijden van een ui? Ja sorry, maar dit is écht een mijlpaal in het helingsproces. Zes weken geleden brak Blond haar sleutelbeen, zoals ik al tot vervelens toe heb gemeld. Natuurlijk popelt u dan om te weten hoe het met haar gaat?? Dat beheerst uw dag. Toch? Dat begrijp ik als geen ander. De tranen springen in mijn ogen als ik naar het uien snijden kijk. Of dat komt door de zwavellucht die opstijgt uit de ui of uit pure emotie, kan ik niet zeggen. Het zal ongetwijfeld een combinatie zijn.
Doe het haar maar na. Een ui snijden met een mitella om. Van achteren ziet ze eruit als de gebochelde van de Notre-Dame die een muurtje metselt. Het snijden van de allium cepa gaat gepaard met korte pijnkreetjes. Het lijkt alsof ze het mes door een laag schokbeton aan het wurmen is. Het proces duurt een klein kwartier, maar ze geeft het niet op. Ik ben hier getuige van de wilskracht van een gepassioneerde chef.
Wij zijn beiden grote liefhebbers van de juin en eten ze dagelijks. Mensen op straat houden vanzelf een meter afstand als ze ons aanspreken. We zijn wandelende riolen. Het kan ons niet bommen. Uien zijn goed voor de gezondheid en worden ook wel een natuurlijk antibioticum genoemd. Ze wemelen van de vezels, mineralen en vitamines. In goed Nederlands: An onion a day keeps the doctor away. (Dat zeg ik overigens ook over een haring met een korenwijntje, maar dat terzijde.)
De afgelopen tijd snijd ik onder toeziend oog van de strenge chefkok de uien. Herhaaldelijk word ik belerend toegesproken. “Je moet óók die eerste schil eraf snijden, want die is keihard. Als je die laat zitten is het net alsof je op stukjes plastic zit te knagen,” zegt Chef Ui. Soms gooi ik de kont tegen de krib, want ik haat het om voedsel te verspillen. Het is een van de redenen waarom ze weer aan het soleren is geslagen. Ze is het gezeik zat. Maar dan slaat het noodlot toe.
Samen met een vriendin gaat ze in het Amsterdamse DeLaMar theater naar een concert van de tribute Bee Gees-band. In 2024 winnen deze sympathieke jongens, de Battle of the bands. Dat is een populair tv-programma. De hoofdprijs is een live-optreden in de uitverkochte Ziggo Dome. Daarna is er geen houden meer aan. De jongens maken van hun hobby hun beroep en trekken als Maincourse door het hele land. Als je de ogen sluit hoor je het loepzuivere geluid van de Australische broeders Gibb. Zelfs die typerende falsetstem van Barry Gibb, waarbij het lijkt alsof zijn scrotum in een bankschroef tot gort wordt geknepen, wordt perfect geïmiteerd. Hulde!
Terug naar Blond. Het is 19 November anno 2025. De twee dames besluiten voor het concert iets te gaan eten. Ze dalen de trap af naar een Italiaans restaurant tegenover het theater. Blonds’ rechterarm bungelt nog steeds in een mitella. Voorzichtig laat ze op de donkere trap haar hand losjes over de oude houten trapleuning glijden. En dan gebeurt het, een loszittende houtsplinter glijdt brutaal onder de nagel van haar linkerpink en schuift ongeveer door tot aan haar oksel. Tenminste, dat beweert ze onder ede. De pijn is hels. Gedurende het hele concert zit ze als een kleuter met de pink in haar mond.
Blond is er heilig van overtuigd dat de splinter operatief moet worden verwijderd. Ze laat me alvast een koffer inpakken met genoeg kleding om drie nachten in het ziekenhuis door te brengen. Want zelfs een amputatie zou een optie kunnen zijn. De broodnuchtere doktersassistente van de huisarts raadt haar aan om eerst maar eens met haar vingertje in een kopje lauwwarm water met Biotex te gaan zitten. Blond slaat van verontwaardiging bijna achterover. Ze overweegt om naar het Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te stappen. Ze voelt zich niet serieus genomen.
Met een pincet trekt ze zelf de dunne houtsplinter onder haar nagel vandaan en gaat vervolgens van haar stokje. Als ze weer bij de pinken is, voert ze met grote tegenzin het Biotex-ritueel uit. De vinger zwelt op. Rivieren bloed worden gedept met kingsize keukenrollen. Dagelijks duwt ze de vuurrode pink pontificaal onder mijn neus en blèrt: “Ik moet geopereerd worden, die nagel moet eraf, wat ik je brom.” Na een week neemt de zwelling af. Het wondje is helemaal dicht. De pink is weer pico bello. De rust keert weer. De lach is terug op haar gezicht. Het mes gaat in de ui. Hallelujah!
JAAP VAN DEURZEN.